Op-ed: Netherlands Should Push for Peace in Darfur

‘Nederland moet de leiding nemen in vredesproces Darfur’

Het is inmiddels tien jaar geleden dat er in de Soedanese regio Darfur een burgeroorlog uitbrak. De bevolking van Darfur kwam in opstand tegen de Soedanese regering omdat de regio decennialang was verwaarloosd. Opeenvolgende regeringen hadden nauwelijks geïnvesteerd in onderwijs en gezondheidszorg voor de bevolking in de noodlijdende regio. Bovendien werden Darfuris structureel uitgesloten van posities in het staatsbestuur vanwege hun niet-Arabische afkomst.

In 2003 leidde dit tot de oprichting van rebellengroepen die een gewapend verzet tegen de regering begonnen. De regering zette zwaar geschut in om de opstand te stoppen. Ze creëerden milities onder Arabische stammen in Darfur die samen met het regeringsleger een offensief begonnen. Aanvallen op de burgerbevolking vormden daarbij onderdeel van de militaire strategie en de milities begonnen aan een moordcampagne waarbij hele dorpen met inwoners en al werden platgebrand. Naar schatting kwamen hierbij 400,000 mensen om het leven en volgens de Verenigde Naties hebben ruim twee miljoen Darfuri hun thuis moeten ontvluchten.

Tien jaar later woedt de oorlog in Darfur nog altijd voort. Ondanks inmenging van de internationale gemeenschap, die onder anderen heeft geleid tot de aanwezigheid van twintig duizend blauwhelmen, is de situatie niet veiliger geworden. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? En welke weg moet worden gevolgd om de situatie in Darfur te verbeteren? We zetten een aantal problemen op een rij en bespreken een visie op de toekomst.

Grote woorden zonder gevolgen
Toen de oorlog in Darfur zich in alle hevigheid ontvouwde, waren enkele Westerse landen nauw betrokken bij Soedan vanwege een andere burgeroorlog – die in Zuid Soedan – waardoor de problematiek in Darfur snel aan het licht kwam. Maar desondanks belandde de kwestie niet onmiddellijk op de agenda van de VN Veiligheidsraad, waarmee een gemeenschappelijke internationale strategie uitbleef. Betrokken landen, met name de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, bleven hun afzonderlijke strategieën volgen, die veelal bestond uit het prioriteren van het vredesverdrag voor Zuid Soedan. Hoewel het conflict in Zuid Soedan vergelijkbare oorzaken had als dat in Darfur, werd ervoor gekozen naar aparte oplossingen te zoeken.

Een gemiste kans, temeer omdat de Veiligheidsraad op een constructieve manier betrokken was bij het Noord-Zuid conflict. Ten aanzien van Darfur kwam de Veiligheidsraad niet verder dan oproepen om het geweld te staken, zonder middelen in te zetten om deze eisen kracht bij te zetten. De Soedanese regering kon daardoor in alle vrijheid de aanvallen op dorpen in Darfur voortzetten, onder toeziend oog van de internationale gemeenschap.

Tegelijkertijd ontstond er discussie over de vraag of wat er in Darfur gebeurde, als genocide kon worden aangemerkt. Binnen het internationaal recht zou een dergelijke constatering de internationale gemeenschap namelijk verplichten te interveniëren. In eerste instantie kreeg deze discussie met name vorm in de Verenigde Staten, waar het Congres in 2004 verklaarde dat de Soedanese regering inderdaad genocide had gepleegd in Darfur. De Amerikaanse regering verbond aan deze conclusie in eerste instantie echter geen politieke gevolgen.

De VN Veiligheidsraad liet vervolgens een onderzoek instellen naar de kwestie door een onafhankelijke commissie. Die concludeerde in 2005 dat er weliswaar geen juridische grond was het handelen van de Soedanese regering als genocide aan te merken, maar dat de gepleegde misdaden – misdaden tegen de menselijkheid – niet minder ernstig waren.

In de tussentijd waren de meeste slachtoffers in Darfur al gevallen. De discussie over welke naam het handelen van de Soedanese regering verdiende, is voor hen en hun nabestaanden weinig relevant.

Een te laat en te zwak politiek proces
In 2006 kwam er eindelijk een vredesproces op gang, waardoor een overeenkomst werd gesloten tussen de Soedanese regering en één van de rebellenfacties. De Veiligheidsraad besloot tot het uitzenden van vredestroepen om op de naleving van het verdrag toe te zien. Maar dit vredesverdrag miste het mandaat van enkele cruciale rebellengroepen, die de gewapende strijd voortzetten. Bovendien werd de ontwapening van de Arabische milities niet gegarandeerd door de regering, waardoor de oorlog in delen van Darfur doorwoedde.

Blauwhelmen werden dus naar een oorlogsgebied gestuurd zonder helder mandaat. Bovendien ontbrak het de missie aan voldoende middelen om de burgerbevolking te kunnen beschermen. Het vredesakkoord van 2006 is inmiddels volledig geïmplodeerd en de regering sloot onlangs opnieuw een gammel verdrag met slechts één groepering. Tot op de dag van vandaag zijn er vredestroepen in Darfur, zonder dat er vrede is gesloten tussen alle partijen van het conflict. Sinds hun uitzending zijn er vierenveertig blauwhelmen gedood in Darfur.

Inzetten op een breed vredesproces
Om tot een houdbare vrede in Darfur te komen, is een geloofwaardig vredesproces noodzakelijk waarbij alle relevante partijen in Soedan worden betrokken. Daarbij heeft het weinig zin de problematiek in Darfur los te koppelen van vergelijkbare problemen elders in Soedan. In andere gemarginaliseerde regio’s zijn de afgelopen jaren eveneens opstanden uitgebroken met eenzelfde oorzaak: de uitsluiting van niet-Arabische bevolkingsgroepen in het Soedanese bestuur en verwaarlozing van de sociaaleconomische ontwikkeling van de regio’s.

De enige duurzame oplossing is een breed vredesproces waarin afspraken worden gemaakt over de manier waarop de macht in Soedan wordt verdeeld.

Om een dergelijk proces op gang te krijgen zal een aantal landen het voortouw moeten nemen. De samenwerking tussen een kleine groep gecommitteerde landen heeft goed gewerkt bij de beëindiging van het conflict met Zuid Soedan en kan ook hier helpen de VN Veiligheidsraad tot een eenduidige strategie te doen komen. Nederland heeft een goede positie om hierin een constructieve en leidende rol te spelen en de bevolking van Darfur na tien jaar oorlog een uitzicht te bieden op vrede.

 

Back to Top